Middagjournaal
vrijdag 08.09.2017
EERBETUIGINGEN MET EEN KNIPOOG

In Amsterdam zijn laatst enkele verzen van Remco Campert aangebracht op de gevel van uitgeverij De Bezige Bij. Ze komen uit een gedicht dat over verzet gaat en da's niet toevallig: de uitgeverij ontstond in de Tweede Wereldoorlog in verzetskringen, en haar eerste uitgave was een verzetsgedicht van schrijver Jan Campert, vader van Remco.
Kort na de oorlog kreeg De Bezige Bij bezoek van koningin Wilhelmina en de 17-jarige Remco Campert had toen net zijn eerste poëzie gepubliceerd. 'Dus', sprak Hare Majesteit hem toe, 'u gaat in de voetsporen van uw vader treden?' 'Ik hoop het niet, mevrouw', antwoordde de dichter, want zijn vader was op 40-jarige leeftijd gestorven in een nazikamp. De zoon is inmiddels 88, en springlevend.
De verzen op die gevel zijn een fragment uit het gedicht Iemand stelt de vraag. Ik ken dat gedicht nogal goed, het stond op een poster die op mijn studentenkamer hing. In mijn roman Vijftig zitten 'n aantal toespelingen op dichtregels, onder meer uit dit gedicht, en uit 'n paar andere, van andere schrijvers. Het zijn eerbetuigingen met een knipoog.
Enkele zogenaamd gewone lezers hebben die toespelingen opgemerkt. Maar aan de meeste zogeheten professionele lezers (recensenten, juryleden) zijn ze voorbijgegaan, vrees ik - gedoemd als die stakkers zijn om in grote haast te lezen, jakkerend van boek naar boek naar boek. Dichter en essayist Herman de Coninck – die we node missen - zei dat het fout gaat met boeken lezen als 'plezier plicht wordt'. 'Mijn ervaring', schreef hij, 'is dat een goed criticus twee op de tien boeken verkeerd leest, en een slecht criticus zeven op de tien.'
Twintig jaar geleden presenteerde ik, in de Bourlaschouwburg in Antwerpen, een internationale poëzieavond, waar Nederland vertegenwoordigd werd door Remco Campert. Ik noemde hem toen in m'n inleiding een belangrijk schrijver. Naderhand, in de coulissen, kwam hij mij daarvoor bedanken. Zijn bescheidenheid was aandoenlijk gemeend, maar onterecht. Camperts werk is heel toegankelijk, en daardoor wordt hij weleens geringgeschat: een grove onrechtvaardigheid.
Misschien, luisteraar, bent u niet zo'n poëzielezer. Maar als u in uw leven één gedicht leest, laat het dan Lamento zijn, van Remco Campert. Het zal u door de ziel snijden.